EKI en Preffi

Het Empowerment Kwaliteit Instrument (EKI) en de Preffi 2.0 zijn aan elkaar gerelateerd. Ze vertegenwoordigen elk een benadering in de gezondheidsbevordering en vullen elkaar aan.

Twee benaderingen in gezondheidsbevordering en preventie


Projecten voor gezondheidsbevordering en preventie worden op verschillende manieren opgezet en vormgegeven. De uitersten zijn te kenmerken als respectievelijk 'top-down' en 'bottom-up'. Meestal kennen projecten een mengvorm van beide uitersten.

  • Top-down
    Aan de ene kant zijn er projecten waarbij op grond van wetenschappelijke inzichten is vastgesteld dat het voor het individu en voor de samenleving wenselijk is om een bepaalde vorm van gedrag te gaan uitvoeren of af te leren, zoals niet te roken of stoppen met roken, gezonder eten, meer bewegen etc. Er worden interventies ontwikkeld en aan mensen aangeboden om hen zover te krijgen dat ze het gewenste gedrag gaan uitvoeren. Dit type projecten is geslaagd als een zo groot mogelijk aantal mensen het door de aanbieders nagestreefde gedrag realiseert. De Preffi 2.0 representeert de planmatige stappen in het ontwerpproces.
  • Bottom-up
    Anderzijds zijn er projecten waarbij samen met de mensen die het betreft wordt nagegaan of en zo ja aan welke problemen of thema's (waaronder ook gezondheidsthema's) ze willen gaan werken. Bij deze projecten hebben de deelnemers zelf verantwoordelijkheid en ook controle over de beslissingen in het project en in hun eigen dagelijks leven. Deze projecten zijn geslaagd als bijvoorbeeld het eigen keuze repertoire van de deelnemers is verruimd, ze in staat zijn om zelf de problemen op te lossen, ze kritisch kunnen reflecteren op zichzelf en de eigen omgeving, ze in staat zijn daar veranderingen in aan te brengen en ook de moed en de houding hebben om dat te doen. Het EKI vertegenwoordigt de bottom-up benadering in de gezondheidsbevordering.

Gezondheidsbevordering: top-down én bottom-up

De praktijk van de gezondheidsbevordering is vaak een mengvorm van beide benaderingen en speelt zich tussen deze beide uitersten af. Er zit altijd een spanning tussen deze beide benaderingen. Dominant in het veld van de gezondheidsbevordering is een top-down benadering, waarin steeds meer elementen van een bottom-up benadering worden geïncorporeerd. In de top-down benadering ligt de nadruk op planmatig en rationeel werken met gebruikmaking van weten­schap­pelijke en praktijkinzichten. Denkbeelden over evidence based werken en best practices komen uit deze benadering voort. Toch is er ook een sterk besef dat effectief gebleken interventies alleen effectief kunnen zijn als ze passen binnen de context en aansluiten bij de doelgroep waarvoor ze zijn bedoeld. In dit soort ‘community projecten' past daarmee een benadering als empower­ment.

 

Relatie tussen de Preffi en het EKI

Voor een goed gezondheidbevorderingsproject is het zinvol de waardevolle elementen uit een top-down en bottom-up benadering te combineren, ook al zit er tegelijkertijd een duidelijke spanning tussen de uitgangspunten van beide. Dit levert betere gezondheidsbevorderingsprojecten op en sluit aan bij de literatuur over het versterken van empowerment binnen gezondheidsbevordering. Lavarack en Labonte (2000) pleiten bij het ontwerpen van een gezondheidsbevorderingsprogramma voor een
parallel-track benadering, waarin naast een planmatige, wetenschappelijke fasering van de stappen in het ontwerpproces tevens bij ieder van de stappen naar de empowerment-aspecten daarvan gekeken wordt.
De relatie tussen de Preffi 2.0 en het EKI is eveneens op te vatten als een parallel-track benadering. De Preffi 2.0 representeert de planmatige stappen in het ontwerpproces, terwijl de EKI bij ieder van die stappen de empowerment-aspecten in beeld brengt.